“…Doet u waar u goed in bent en laat de rest aan ons over…”
Verlies aftrekbaar? Voor het Gerechtshof ’s-Hertogenbosch, 10.05.2017 (GHSHE:2017:1065) , speelde onlangs een procedure over de vraag of het verlies op een familielening fiscaal aftrekbaar is.
Lening aan ondernemende broer. Het gaat hierbij om een tandarts die verschillende leningen aan zijn broer heeft verstrekt, in totaal voor € 500.000,-. Zijn broer heeft dit geld gebruikt voor het financieren van zijn eigen onderneming, een visverwerkingsbedrijf. Dit blijkt echter weinig succesvol. Eind 2018 gaat het bedrijf failliet.
Ondernemingsvermogen? Ondanks het feit dat de vordering in het verleden altijd in box 3 (privévermogen) is aangegeven, is er volgens de tandarts sprake van verplicht ondernemingsvermogen en is het verlies op de lening aftrekbaar.
Bedrijfsvreemd. Fiscaal kan een dergelijke lening tot het ondernemingsvermogen worden gerekend, mits deze ontstaat binnen het kader van de normale uitoefening van de onderneming. Een tandartspraktijk en een viskwekerij hebben echter weinig met elkaar van doen. De lening is dus bedrijfsvreemd aan de tandartspraktijk.
Tijdelijk krediet. Desondanks is het alsnog mogelijk de lening als ondernemingsvermogen aan te merken. Daarvoor is het noodzakelijk dat de tandarts aantoont, dat er sprake is van het uitlenen van overtollige liquiditeiten van de praktijk. Dit moet dan van kortdurende aard zijn, zodat de liquiditeiten weer tijdig binnen de onderneming beschikbaar zullen zijn. Met andere woorden: een kort krediet om wat rendement op de overtollige liquiditeiten te maken, is toegestaan.
Verlies niet aftrekbaar. Het hof is echter van mening dat niet kan worden bewezen dat het geld kortdurend is uitgeleend. Dit blijkt ten eerste niet uit de geldleningsovereenkomst, waarin slechts een beperkte aflossingsverplichting is opgenomen. Daarnaast zijn de financiële vooruitzichten van het visverwerkingsbedrijf ten tijde van het verstrekken van de lening dusdanig mager, dat niet kan worden verwacht dat het geld op korte termijn zal worden terugbetaald. De lening mag dus volgens het hof niet worden aangemerkt als ondernemingsvermogen. Als gevolg daarvan is het daarop geleden verlies niet aftrekbaar.
Zakelijke voorwaarden. Het is raadzaam om bij het uitlenen van geld binnen familieverband zakelijke voorwaarden overeen te komen. Ondanks de warme connectie met de andere partij, kunt u met een deugdelijke geldleningsovereenkomst met daarin voldoende zekerheden, voorkomen dat u met lege handen komt te staan.
Dossiervorming. Sta goed stil bij de fiscale gevolgen als een vordering niet kan worden terugbetaald. Leg ten tijde van het verstrekken van de lening vast waarom er sprake is van een tijdelijk krediet van overtollige liquiditeiten of van de financiering van niet-bedrijfsvreemde activiteiten. Zo staat u sterker in een toekomstige discussie met de Belastingdienst. Let op. Afhankelijk van de familierelatie en het al dan niet gebruikelijk zijn van de lening kan deze onder voorwaarden toch in box 1 vallen ( T&A Belastingtips Eenmanszaak & Vof, jg. 6, nr. 15, p.7, 07.06.2016 ).
Uitstel van betaling belastingschulden. Als er belastingschulden niet (op tijd) betaald kunnen worden, kan van de Belastingdienst soms uitstel van betaling worden verkregen.
Maximaal vier maanden. Als aan de volgende voorwaarden wordt voldaan, kunt u maximaal vier maanden uitstel van betaling krijgen:
Tip. Een belastingschuld waarvoor u uitstel van betaling heeft gekregen omdat u daartegen bezwaar heeft gemaakt, alsmede een toeslagschuld, tellen niet mee bij het bepalen van uw totale belastingschuld.
Hoe? U kunt om uitstel van betaling verzoeken door telefonisch contact op te nemen met de BelastingTelefoon (0800-0543). U krijgt binnen 10 werkdagen een bevestiging.
Tip. Wilt u langer uitstel dan vier maanden? Dien dan een schriftelijk verzoek om uitstel van betaling in.
Wanneer? U moet binnen vier maanden na de uiterste betaaldatum van de aanslag contact met de Belastingdienst opnemen. Wat betreft te betalen loon- of omzetbelasting, kunt u pas uitstel aanvragen nadat de Belastingdienst u een naheffingsaanslag (wegens niet-tijdig betalen) heeft opgelegd. Als aan u een naheffingsaanslag is opgelegd wegens niet-tijdige betaling, dan zal daarin ook een betaalverzuimboete zijn opgenomen. Als het uitstel wordt verleend, vervalt die boete. Let op. De Belastingdienst berekent u wel 4% invorderingsrente over de periode dat u het bedrag niet betaalt.
Waarom ‘vast’? Een belangrijk nadeel bij kostenvergoedingen is de administratieve papierwinkel. Facturen, declaratieformulieren, handtekeningen, u kent het wel. U kunt dat veelal voorkomen door te werken met vaste kostenvergoedingen. U betaalt uw werknemer dan per vaste periode een standaardvergoeding, die ongeveer overeenkomt met de te maken kosten. Best handig, maar hoe zit het als uw werknemer tijdelijk geen kosten maakt, bijvoorbeeld bij ziekte?
Voorwaarden. Als u een vaste kostenvergoeding wilt hanteren, gelden hiervoor voorwaarden.
Vrijstellingen/intermediaire kosten. Maken vrijstellingen deel uit van de vaste kostenvergoeding, zoals die voor congreskosten of de bekende € 0,19/km voor vervoerkosten, dan komen ze niet ten laste van de vrije ruimte (1,2% van de loonsom) in de werkkostenregeling. U moet ze dan wel aanwijzen als eindheffingsloon. Intermediaire kosten, zoals benzinekosten voor de auto van de zaak, komen ook niet ten laste van de vrije ruimte. Tip. Als u dit dus specificeert in de vaste kostenvergoeding, komt dit deel van de kostenvergoeding niet ten laste van de vrije ruimte. De rest van de kostenvergoeding wel. Let op. Komt u over de vrije ruimte heen, dan betaalt u over dit meerdere 80% eindheffing.
Maakt een werknemer tijdelijk geen kosten, dan moet u na een bepaalde periode de kostenvergoeding voor vrijstellingen en intermediaire kosten stopzetten. Tip. De maand waarin de werknemer ziek is geworden en de maand erna mag u de kostenvergoeding nog blijven doorbetalen, daarna niet meer. Let op 1. Als de werknemer zich weer beter meldt, mag u pas vanaf de maand erna de kostenvergoeding hervatten. Let op 2. U kunt niet zomaar de arbeidsvoorwaarden aanpassen als uw werknemer ziek is. Neem in het arbeidscontract of in een reglement op welke vergoedingen en verstrekkingen worden stopgezet na een bepaalde periode van ziekte.
Uw werknemer wordt op 17 mei ziek. Hij hervat het werk weer op 11 augustus. De vergoeding voor niet doorlopende kosten mag u doorbetalen tot 1 juli en weer hervatten op 1 september.
Het bovenstaande geldt niet voor kostenvergoedingen die betrekking hebben op kosten die ook tijdens ziekte doorlopen, zoals bepaalde studiekosten of een abonnement op een zakelijk tijdschrift. Deze vergoedingen mag u dus wel blijven doorbetalen tijdens de ziekte. Ook belaste kostenvergoedingen kunt u blijven doorbetalen.
Boete van € 578.000,-. Onlangs is door de Inspectie SZW een enorme boete van € 578.000,- opgelegd aan een uitzendbureau met 68 medewerkers, omdat men niet inzichtelijk kon maken dat de medewerkers voor de gewerkte uren voldoende loon en vakantiebijslag hadden ontvangen.
Wat speelde er recentelijk bij een schoonmaakbedrijf? Bij een schoonmaakbedrijf werd door de inspectie een boete opgelegd van € 230.000,-, omdat ook dit bedrijf niet inzichtelijk kon maken dat de medewerkers voldoende loon en vakantiebijslag ontvingen. Bij dit bedrijf werden de medewerkers per uur uitbetaald, maar stond er per schoon te maken kamer een normtijd. Als de medewerkers de kamers niet binnen deze normtijd schoon konden maken, kregen ze voor de extra tijd niet betaald, waardoor ze onder het minimumloon zouden kunnen verdienen.
Bezwaar? De bedrijven kregen ‘boetebeschikkingen’. Tegen zo’n boetebeschikking kan men binnen zes weken bezwaar aantekenen bij het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid.
Kans van slagen? De grootste kans van slagen heeft het bezwaar als aangetoond kan worden dat de medewerkers wel degelijk voldoende salaris hebben ontvangen. Dit kan bijvoorbeeld door het inzichtelijk maken van de lijn van de gewerkte uren naar uitbetaling van het salaris. Het beste is dat de urenregistratie wordt bijgehouden in een softwarepakket, bijvoorbeeld software waarbij de totale uren/factuur/sollicitanten wordt bijgehouden of een salarisadministratie met een tijdregistratiemodule. De medewerkers kunnen dan bijvoorbeeld via een app op de telefoon de gewerkte uren doorgeven, welke dan gebruikt worden voor het opstellen van de facturen en de salarisadministratie.
Betalen? Ook al is er bezwaar gemaakt, de bestuurlijke boete moet toch binnen de gestelde termijn worden betaald. Wel kan men een betalingsregeling van max. 120 maanden aanvragen via https://www.inspectieszw.nl
Regeling Zelfstandige en Zwanger. Ook als zelfstandige heeft u recht op een uitkering bij zwangerschap. Dit staat in de regeling Zelfstandige en Zwanger (ZEZ), een onderdeel van de Wet arbeid en zorg. Daarnaast kunt u zich als zelfstandige natuurlijk ook particulier verzekeren tegen arbeidsongeschiktheid wegens ziekte. U krijgt dan meestal ook een uitkering bij zwangerschap.
Duur uitkering? Volgens de regeling ZEZ heeft u recht op een uitkering gedurende minimaal 16 weken. De uitkering gaat in tussen zes weken en vier weken voor de dag na de uitgerekende datum. U bepaalt binnen deze periode zelf op welke dag u de uitkering laat ingaan. Na uw bevalling heeft u recht op minimaal tien weken uitkering.
Hoogte uitkering? Uw ZEZ-uitkering wordt berekend op basis van de inkomsten die u in het jaar ervoor had. De uitkering is nooit hoger dan het wettelijk minimumloon. Als u als zelfstandige minimaal 1.225 uur per jaar heeft gewerkt, krijgt u de maximale ZEZ-uitkering. Als meewerkend echtgenote of partner wordt uw uitkering berekend op basis van de winst die uw partner behaalde en uw aandeel hierin.
Wanneer geen uitkering? U krijgt geen ZEZ-uitkering als u zich bij het UWV vrijwillig heeft verzekerd voor de Ziektewet voor een dagloon dat hoger is dan het wettelijk minimumloon (WML). Heeft u zich echter verzekerd voor een bedrag dat lager is dan het WML, dan krijgt u een ZEZ-uitkering die de uitkering van uw vrijwillige verzekering aanvult tot het WML.
Aanvragen ZEZ-uitkering? U vraagt uw ZEZ-uitkering uiterlijk twee weken voor de gewenste ingangsdatum aan bij het UWV. Met uw aanvraag stuurt u de zwangerschapsverklaring van uw huisarts of verloskundige mee. Het UWV kan u ook vragen naar kopieën van belastingaanslagen, om de hoogte van uw uitkering te kunnen bepalen.
UWV. Uw ZEZ-uitkering is belast, maar valt niet in de winst. U profiteert dus niet van de MKB-winstvrijstelling van 14% over de uitkering. De uitkeringsinstantie UWV houdt belasting en premies in over de uitkering. Tip. Deze kunt u na het jaar weer verrekenen in uw aangifte inkomstenbelasting.
Via de verzekeraar. Bent u voor ziektekosten verzekerd via een verzekeraar, dan ontvangt u meestal ook een uitkering bij zwangerschap. De premies voor een dergelijke verzekering zijn aftrekbaar. Tip. Reeds in 2013 is na Kamervragen duidelijk geworden dat de uitkeringen niet belast zijn. Dit dus in tegenstelling tot de uitkering van het UWV. Is er in het verleden tóch belasting betaald over deze uitkering, dan is dit dus ten onrechte.
Bezwaar. Staat uw aanslag over dat jaar nog niet definitief vast, dan kunt u hiertegen bezwaar aantekenen. Staat uw aanslag al wel definitief vast, dan kunt u verzoeken om ambtshalve vermindering van uw aanslag. Dit kan uiterlijk tot vijf jaar na het jaar waarop de aanslag betrekking heeft. U kunt dus uiterlijk nog betaalde belasting uit 2012 en later terughalen via een ambtshalve verzoek aan de inspecteur. Dit doet u via een gewone brief.
Het modelbezwaarschrift kunt u bij ons opvragen.
Ook kostbaar. Het niet of niet tijdig kunnen betalen van belastinggelden door gebrek aan liquide middelen is niet alleen naar, maar vaak ook een dure zaak. Denk aan boetes of invorderingsrente tot aan een dwangbevel. Dit kunt u voorkomen door nu al rekening te houden met eventuele toekomstige belastingen. Maar hoe en hoeveel?
Ontvangen btw is niet úw geld. Om er zeker van te zijn dat u de verschuldigde btw te zijner tijd kunt afdragen aan de Belastingdienst, is het verstandig om de btw van de facturen die u betaald krijgt, direct te reserveren op een aparte zakelijke (spaar)bankrekening. Tip. Een zakelijke (spaar)bankrekening kunt u bij de meeste banken gratis online openen.
Factuurstelsel. Dit stelsel geldt als u voornamelijk levert aan andere ondernemers. Dan is de factuurdatum leidend bij de btw-aangifte. Let op. Omdat de Belastingdienst geen rekening houdt met het betaalgedrag van uw klanten, kan het zijn dat u btw moet afdragen, terwijl u nog geen betaling van uw klant heeft ontvangen.
Kasstelsel. Dit stelsel geldt als u voornamelijk levert aan particulieren. Dan hoeft u de btw over de omzet pas te betalen als uw klant betaald heeft.
Slim factureren. Als u aan het einde van een kwartaal een factuur moet maken, dan kan het slim zijn om hier een paar dagen mee te wachten, omdat dan de btw pas in een volgend kwartaal afgedragen hoeft te worden. Let op. U bent wel verplicht uiterlijk de 15e dag van de maand, die volgt op de maand waarin u heeft geleverd, de factuur te versturen.
Over de winst die u behaalt, bent u inkomstenbelasting (IB) en Zvw-premie verschuldigd. Hoeveel u moet betalen, is o.a. afhankelijk van de hoogte van de winst en de aftrekposten waar u recht op heeft. De aanslag IB/Zvw-premie 2017 krijgt u nadat u de aangifte IB 2017 heeft gedaan.
Voorkom verrassingen. Waarschijnlijk heeft u een voorlopige aanslag IB en Zvw-premie 2017 ontvangen. U betaalt dan maandelijks een bedrag vooruit. Echter, de voorlopige aanslag is een schatting en gebaseerd op de definitieve aanslag van 2015. Zijn uw omstandigheden veranderd? Gaat u meer winst maken dan het geschatte bedrag? Pas dan uw voorlopige aanslag aan op ‘Mijn Belastingdienst’. Dit heeft als voordeel dat u geen rente van 4% (2017) verschuldigd bent over het te betalen bedrag. Dit is wel het geval als u de belasting achteraf betaalt.
Inkomstenbelasting en Zvw. In onderstaande tabel geven wij u een indicatie van de te betalen (reserveren) IB en Zvw-premie. Hierbij is rekening gehouden met de zelfstandigenaftrek, de MKB-winstvrijstelling, de algemene heffingskorting en de arbeidskorting. Er is geen rekening gehouden met de oudedagsreserve, overige aftrekposten en overige heffingskortingen.
| Winstindicatie | Per euro winst reserveren |
| € 25.000,- | € 0,04 |
| € 50.000,- | € 0,25 |
| € 75.000,- | € 0,33 |
| € 100.000,- | € 0,37 |
Goede (zonne)bril is niet goedkoop. Vooral als deze speciaal geslepen glazen heeft, bijvoorbeeld om zowel dichtbij als veraf goed te kunnen zien. Betaalt de fiscus hieraan mee of draait u helemaal zelf voor de kosten op? En wat als u een bril van uw werknemers vergoed, verstrekt of ter beschikking stelt?
Aan de werknemer. Als u uw werknemer een bril verstrekt of ter beschikking stelt, die hij alleen gebruikt op de werkplek, is deze onbelast. De bril mag dan niet mee naar huis genomen worden. Gebeurt dit toch, dan is de bril belast. Dit is alleen anders als de bril voor 90% of meer zakelijk gebruikt wordt. Houd er rekening mee dat dit moeilijk valt aan te tonen. Is de bril belast, dan kunt u ervoor kiezen op de bril de werkkostenregeling toe te passen. Blijft u met alle vergoedingen en verstrekkingen binnen de vrije ruimte van 1,2% van de fiscale loonsom, dan is de bril onbelast. Schiet u over de grens heen, dan betaalt u als werkgever 80% eindheffing. Dit geldt ook als u brillen vergoedt.
Als arbovoorziening? Een bril is ook onbelast als u deze vergoedt, verstrekt of ter beschikking stelt op grond van uw verplichtingen volgens de Arbowet. Denk aan een veiligheidsbril met geslepen glazen voor een laborant, een beeldschermbril voor degene die met de pc werkt of aan een zonnebril voor een chauffeur of piloot. De bril komt dan ook niet ten laste van de vrije ruimte van 1,2% van de werkkostenregeling. Is er voor de bril geen verplichting volgens de Arbowet, dan is de bril of zonnebril belast en kunt u deze voor de werknemer onbelast houden door deze onder te brengen in de werkkostenregeling. Ook nu betaalt u als werkgever 80% eindheffing als u over de grens van 1,2% van de vrije ruimte heen schiet.
Aftrekbaarheid. De kosten van aan uw personeel verstrekte brillen en zonnebrillen zijn voor u aftrekbaar als loonkosten, los van de vraag of en hoe deze bij de werknemer belast zijn.
Niet altijd helder. Het is onzeker of de kosten van de bril of zonnebril voor uzelf aftrekbaar zijn van de winst. Oude rechtspraak van zo’n 20 jaar geleden bestempelde deze uitgaven al als te persoonlijk en leidde destijds voor een werknemer niet tot aftrek. Er is nog geen vergelijkbare rechtspraak met betrekking tot ondernemers. Het is goed verdedigbaar om thans aftrek wel te claimen, als de bril voor het uitoefenen van uw beroep of vak onmisbaar is.
Bril volgens Arbowet? Dat geldt echter niet als een bril volgens de Arbowet voor uw werknemer onbelast is. Er valt dan op grond van het gelijkheidsbeginsel veel voor te zeggen dat de kosten aftrekbaar zijn van de winst.
Het is van belang de kosten van een bril zo mogelijk ten laste van de winst te brengen, omdat een bril tegenwoordig niet meer aftrekbaar is als zorgkosten, net zo min als contactlenzen of het laseren van de ogen. Kunt u de kosten dus niet ten laste van de winst brengen, dan komen ze volledig voor eigen rekening. Het deel dat uw zorgverzekering eventueel vergoedt voor een bril, kunt u uiteraard niet nog eens fiscaal aftrekken.
Zakelijk gebruik. De kosten van een motor zijn aftrekbaar van de winst, als u die motor zakelijk gebruikt. U mag zelf weten of u met een auto of met een motor rijdt, de inspecteur mag zich niet met die keuze bemoeien. Een motivatie voor zakelijk gebruik kan zijn dat u met de motor sneller bij klanten of op kantoor kunt komen, omdat u minder last heeft van files. Let op. Houd wel rekening met kritische vragen. Waren dit echt zakelijke kilometers? Het moet aannemelijk zijn dat u de motor ook daadwerkelijk voor zakelijke kilometers kunt gebruiken. Een klusjesman op een motor is wat minder aannemelijk.
Geen 22% bijtelling voor motor. Als u een auto van de zaak ook privé kunt gebruiken, moet u de kostenaftrek corrigeren met de bekende bijtelling. Alleen als u met de auto niet meer dan 500 km per jaar privé rijdt, hoeft dit niet. Bij een motor van de zaak worden de aanschaf en de gebruikskosten als lasten verantwoord in uw onderneming. Hierop moet dan een correctie voor het werkelijke privégebruik plaatsvinden. Dit betekent dat u moet bijhouden hoeveel privékilometers u op jaarbasis met de motor rijdt. Tip. Het is niet nodig om een sluitende kilometeradministratie bij te houden. De verhouding tussen de privékilometers en de totale kilometers is de basis voor de bepaling van de waarde van het privégebruik. De kosten en de btw die zien op het zakelijk gebruik van de motor zijn dan gewoon aftrekbaar. Let op. Helaas geldt er voor het woonwerkverkeer een uitzondering. Die kilometers zijn voor de btw privékilometers, voor de kostenaftrek zijn het zakelijke kilometers.
Nog meer fiscale voordelen. De kosten voor noodzakelijke items, zoals een motorhelm, motorkleding en -laarzen, een navigatiesysteem en tassen of koffers, zijn ook aftrekbaar bij uw onderneming. Als zakelijke motorrijder kunt u tevens gebruikmaken van de Kleinschaligheidsinvesteringsaftrek (KIA). De KIA bedraagt maximaal 28%. Voor elektrische scooters en motorfietsen kan tevens gebruik worden gemaakt van de Milieu-investeringsaftrek (MIA) en de Vamil (Willekeurige aftrek milieu-investeringen). Een extra fiscaal voordeel dus.
Staking onderneming. In 2012 staakte een man zijn onderneming. Hij wilde zijn niet-gerealiseerde zelfstandigenaftrek uit het verleden in dit stakingsjaar in aanmerking nemen. De inspecteur had deze aftrek geweigerd, omdat de man in het stakingsjaar niet aan het urencriterium voldeed.
Zelfstandigenaftrek. Rechtbank Gelderland 21.02.2017 (RBGEL:2017:862) , heeft aangegeven dat de niet-gerealiseerde zelfstandigenaftrek enkel verrekend kan worden in het jaar waarin de man recht heeft op zelfstandigenaftrek.
Urencriterium niet gehaald. Omdat hij in het stakingsjaar niet aan het urencriterium voldeed, bestond er geen recht op zelfstandigenaftrek.
Gelijkheidsbeginsel? De man deed tijdens de zitting ook nog een beroep op het gelijkheidsbeginsel. Hij wilde hetzelfde behandeld worden als een ondernemer die zijn onderneming staakt als het gevolg van zijn overlijden. Deze kan namelijk wel de niet-gerealiseerde zelfstandigenaftrek in aftrek brengen in het jaar van staken. Het maakt hierbij niet uit of hij in het stakingsjaar aan het urencriterium voldoet.
Geen gelijke gevallen. De rechtbank vond dat er hier geen sprake was van gelijke gevallen. De man had zelf gekozen om te staken en een ondernemer heeft deze keuze niet als hij komt te overlijden.
Recht op zelfstandigenaftrek. U heeft recht op zelfstandigenaftrek als u ondernemer bent en aan het urencriterium voldoet.
Urencriterium. U voldoet aan het urencriterium als u in het kalenderjaar minimaal 1.225 uren aan uw onderneming besteedt en u meer tijd besteedt aan uw onderneming dan aan andere werkzaamheden (bijvoorbeeld loondienst). Tip. Deze laatste eis geldt niet als u in een van de vijf voorafgaande jaren geen ondernemer was.
Doorschuiven zelfstandigenaftrek. Is uw winst in een jaar te laag om de zelfstandigenaftrek volledig te benutten, dan kunt u het bedrag dat u niet heeft gebruikt, verrekenen in een of meer van de volgende negen kalenderjaren. Hierbij is het wel van belang dat u in het toekomstige jaar ook recht heeft op de zelfstandigenaftrek.
Voorbeeld. Een ondernemer behaalt in 2016 een verlies van € 10.000,- en voldoet aan het urencriterium. Door dit verlies kan hij zijn zelfstandigenaftrek van € 7.280,- niet benutten. Dit bedrag wordt dan ook aangemerkt als niet-gerealiseerde zelfstandigenaftrek en kan hij verrekenen in een of meer van de volgende negen kalenderjaren. In 2017 bedraagt zijn winst uit onderneming € 25.000,- en voldoet hij wederom aan het urencriterium. Dit jaar kan hij zowel de zelfstandigenaftrek uit 2017 (€ 7.280,-) als uit 2016 (€ 7.280,-) benutten. Zijn winst bedraagt na toepassing van de zelfstandigenaftrek € 10.440,-.
Verrekenen en staken. Als u al uw bedrijfsactiviteiten beëindigt en uw bedrijfsmiddelen verkoopt of overbrengt naar uw privévermogen, staakt u uw onderneming. Dit is dan het laatste jaar om uw niet-gerealiseerde zelfstandigenaftrek te verrekenen. Tip. Staak niet te vroeg in het jaar. U moet in het stakingsjaar namelijk nog wel aan het urencriterium voldoen.
Zakelijk of privé? Het ging in deze zaak voor het Gerechtshof ’s-Hertogenbosch, 16.03.2017 (GHSHE:2017:79) , om een adviseur die regelmatig bij cliënten met een horecabedrijf ging eten. Hij bracht de kosten daarvan in aftrek als verkoopkosten. De inspecteur was het daar niet mee eens en wilde maar een beperkt deel van de kosten (25%) accepteren. Als reden daarvan voerde de inspecteur aan dat de adviseur veelvuldig uit ging eten en dat – gelet op de omvang van de uitgaven en het aantal keren dat bij dezelfde restaurants werd gegeten – het overgrote deel van de uitgaven privé-uitgaven waren.
Bewijslast. De adviseur moet aannemelijk maken dat het om zakelijke uitgaven ging. De enkele stelling van de adviseur dat hij geregeld eet bij cliënten en dit combineert met het uitwisselen van stukken en het voeren van gesprekken met cliënten en potentiële cliënten, acht het hof onvoldoende, althans voor het bedrag dat de adviseur had opgevoerd. Het hof volgt de inspecteur en beslist dat slechts 25% van de opgevoerde kosten aftrekbaar is.
Zakelijkheid onderbouwen. De kosten van etentjes zijn alleen aftrekbaar als deze (mede) een zakelijk karakter hebben. Om dat aannemelijk te maken is het van belang dat goed wordt vastgelegd met wie er gegeten wordt en wat het doel daarvan is, bijvoorbeeld het bespreken van toekomstplannen, kennismaken met een mogelijk nieuwe cliënt, etc. Verder is het raadzaam om ook eventuele correspondentie (e-mail) te bewaren waarin de afspraak wordt vastgelegd of waarin aan de ontmoeting wordt gerefereerd. Tip. U kunt ervoor kiezen de voor de onderbouwing benodigde stukken pas te verzamelen op het moment dat de fiscus ernaar vraagt. Het kan echter zijn dat dat vijf jaar na het etentje is. De ervaring leert dat het veel lastiger is dan nog met een gedegen onderbouwing te komen. Bewaar daarom de onderbouwende informatie meteen bij de factuur in uw administratie. Let op. Op grond van de aftrekbeperking voor gemengde kosten is van het aldus als zakelijke kosten in aftrek komende deel vervolgens nog 20% van aftrek uitgesloten.