“…Doet u waar u goed in bent en laat de rest aan ons over…”

Subsidie elektrische bestelbus in 2021

Voorwaarden. De schone bestelbus moet een minimale actieradius van 100 kilometer hebben. Er komt per bedrijf een maximum aan het aantal bestelbussen waarvoor subsidie mag worden aangevraagd. Bij doorverkoop van de bestelbus binnen drie jaar moet de verkregen subsidie deels worden terugbetaald. Deze nieuwe regeling loopt tot en met 2025. Let op. Zodra het plafond van € 22 miljoen bereikt is, kunt u in 2021 geen aanspraak meer maken op deze subsidie. U moet er dus snel bij zijn!

Stel de aanschaf van een elektrische bestelbus nog even uit. Zo kunt u profiteren van een nieuwe subsidieregeling die in het voorjaar van 2021 zal worden ingevoerd. bron:indicator

Uitstel van belastingbetaling weer verlengd …

Verlengd. Het kabinet heeft op 9 december 2020 bekendgemaakt dat de termijn voor het aanvragen en het verlengen van bijzonder uitstel van betaling van belastingschulden wederom wordt verlengd tot en met 31 maart 2021. Dit was eerst 31 december 2020.

Wat betekent dit voor u?

Heeft u als bedrijf betalingsproblemen vanwege de coronacrisis, dan heeft u dus nog tot en met 31 maart 2021 de tijd om voor de eerste keer bijzonder uitstel van belastingschulden aan te vragen of een reeds eerder verleend uitstel te verlengen.

Reeds verlengd bijzonder uitstel? Heeft u in 2020 al verlenging gekregen, dan geldt het uitstel nu automatisch tot 1 april 2021. Tip. U hoeft de al toegekende verlenging niet opnieuw te verlengen. U krijgt een betalingsregeling van 36 maanden vanaf 1 juli 2021 voor de schulden waarvoor u bijzonder uitstel van betaling heeft gekregen. Dit betreft:

  • de eventuele belastingschulden van voor de coronacrisis; en
  • de belastingschulden die betaald hadden moeten zijn van 12 maart 2020 tot en met 31 maart 2021.

Welke aanslag in de betalingsregeling?

Aangiftebelasting. Omzetbelasting/loonheffing:

  • waarvan voor of op 31 maart 2021 de naheffingsaanslag betaald had moeten zijn; of
  • waarvan voor of op 31 maart 2021 de uiterlijke termijn voor voldoening of afdracht eindigt.

Aanslagbelasting. Inkomstenbelasting, Zorgverzekeringswet en vennootschapsbelasting: indien de aanslag uiterlijk betaald had moeten zijn voor of op 31 maart 2021. Let op. Vanaf 1 april 2021 moet u nieuw opkomende verplichtingen betalen. Doet u dit niet, dan komt u niet in aanmerking voor de betalingsregeling van 36 maanden.

U had uitstel, maar nog niet verlengd?  Heeft of had u bijzonder uitstel van betaling voor de periode van drie maanden, dan moet u na afloop van het bijzonder uitstel de belastingschulden van voor de coronacrisis en de nieuw opkomende verplichtingen betalen. U krijgt alleen een betalingsregeling van 36 maanden vanaf 1 juli 2021 voor de belastingschulden waarvoor bijzonder uitstel is verleend en die betaald hadden moeten zijn tussen 12 maart 2020 en de datum dat het uitstel eindigt.

Uitstel aangevraagd na 1 oktober 2020?  Dan loopt dit uitstel tot 31 december 2020. Vanaf 1 januari 2021 moet u nieuw opkomende verplichtingen betalen, zoals de omzetbelasting van het vierde kwartaal 2020 die op 31 januari 2021 betaald moet zijn. Daarbij krijgt u alleen een betalingsregeling van 36 maanden vanaf 1 juli 2021 voor belastingschulden (die opgenomen zijn in het bijzonder uitstel) die betaald hadden moeten zijn in de periode van 12 maart 2020 t/m 31 december 2020. Voor eventuele belastingschulden van voor de coronacrisis krijgt u geen betalingsregeling. Tip.  U kunt nog verlengen tot en met 31 maart 2021. Hierdoor worden belastingschulden die uiterlijk 31 maart 2021 betaald moeten zijn en eventuele belastingenschulden van voor de coronacrisis meegenomen in de betalingsregeling van 36 maanden.

U heeft nog geen uitstel? Heeft u nog geen uitstel aangevraagd en heeft uw bedrijf betalingsproblemen door de coronacrisis, dan kunt u uitstel van betaling krijgen tot 1 april 2021. Tip.  Voor de inkomstenbelasting, Zorgverzekeringswet, vennootschapsbelasting, loonheffingen en omzetbelasting (btw) vraagt u in één keer uitstel van betaling aan. Dit kan zodra u een aanslag van de voornoemde belastingen heeft ontvangen.

De termijn voor het aanvragen en het verlengen van bijzonder uitstel van betaling belastingschulden is verlengd tot en met 31.03.2021. Dit was eerst 31.12.2020. Voor de inkomstenbelasting, Zorgverzekeringswet, vennootschapsbelasting, loonheffingen en omzetbelasting (btw) vraagt u in één keer uitstel van betaling aan. bron:indicator

Strenge regels voor aftrek van giften

Gift aan ANBI

Een gift aan een algemeen nut beogende instelling (ANBI) is onder voorwaarden fiscaal aftrekbaar. Omdat er de laatste tijd in toenemende mate mee wordt gefraudeerd, scherpte de fiscus per 2021 de regels aan.

Ook niet met factuur. Zo zijn contante giften niet langer aftrekbaar, ook niet als u de gift met een factuur kunt bewijzen. Maak giften voortaan dus per bank over als u de aftrek niet wilt missen.

Taxatierapport

Giften in natura. De fiscus heeft met de liefdadigheidsbranche afgesproken dat er bij giften in natura van meer dan € 2.500 voortaan een onafhankelijk taxatierapport vereist is.

Melding voorwaardelijke giften

Om fraude te voorkomen, is er met de branche ook afgesproken dat ‘substantiële’ giften worden gemeld als deze later worden herroepen.

Correctie ‘vergeten’. Het komt nogal eens voor dat een gift in het jaar na de schenking wordt teruggevraagd aan de ANBI. De gift wordt dan wel in aftrek gebracht, maar de latere terugstorting wordt niet in de aangifte gecorrigeerd. Bij vermoedens van fraude zullen ook geringere giften gemeld worden.

Per 1 januari 2021 controleert de fiscus strenger op fraude met giften. Maak giften daarom altijd per bank over en houd bij giften in natura rekening met de eis van een taxatierapport en de daarmee samenhangende kosten. Ook als substantiële giften worden herroepen (teruggedraaid), moeten deze gemeld worden. Let daar dus op. bron:inidicator

Onderneming draait al tijdje verlies, nog aftrek in box 1?

Verrekening ondernemingsverlies

In het verliesjaar zelf. Heeft uw onderneming in het jaar 2020 een verlies behaald, dan kunt u dit verlies verrekenen met uw andere inkomsten in box 1 (inkomen uit werk en woning), bijv. met uw salaris of een uitkering die u ontvangt.

In eerdere en latere jaren. Als u geen overige inkomsten heeft in box 1, dan kunt u dit verlies verrekenen met positieve box 1-inkomsten uit de drie voorafgaande jaren en met positieve box 1-inkomsten uit de negen volgende jaren.

Bron van inkomen

Echte onderneming? Niet alle ondernemingsverliezen kunnen fiscaal verrekend worden. Zo moet er namelijk wel sprake zijn van een ‘echte’ onderneming. Er moet sprake zijn van een bron van inkomen. Een bron van inkomen omvat de hiernavolgende drie kenmerken.

Deelname economisch verkeer. Er wordt deelgenomen aan het economisch verkeer als er handelingen buiten de privésfeer worden verricht. Werkzaamheden tussen u en uw partner vallen hier dan ook niet onder.

Winst beogen. Met deze handelingen moet ook beoogd zijn een voordeel te behalen (subjectief).

Redelijkerwijs te verwachten. Daarnaast moet het voordeel ook redelijkerwijs te verwachten zijn (objectief).

Voorbeeld.Dit betekent dat als u een Rolls-Royce koopt om een paar keer per jaar mee te rijden als taxi, u hiermee wel een voordeel beoogd, maar u ook zeker weet dat er jaarlijks een verlies wordt behaald. Er is dan ook geen sprake van een bron van inkomen.

Verliesgevend

Eerste jaren. Het komt regelmatig voor dat bij de start van een onderneming, er in de eerste jaren alleen maar een verlies wordt behaald. De Belastingdienst stelt in deze situaties veelal dat er geen bron van inkomen is, waardoor de ondernemingsverliezen niet worden geaccepteerd. U zult dan ook aan moeten tonen dat er nog een winst te verwachten is in de toekomst, anders worden uw werkzaamheden mogelijk als resultaat uit overige werkzaamheden aangemerkt. U heeft dan geen recht heeft op de ondernemingsfaciliteiten.

Structureel verlies. Had u voorheen een winstgevend bedrijf, maar draait u nu al jaren structureel verlies, ook dan zal de Belastingdienst stellen dat er geen sprake meer is van een onderneming. Een verlies als gevolg van coronamaatregelen is geen structureel verlies.

Staking. Het einde van uw onderneming betekent dat uw onderneming is gestaakt. U moet dan belasting betalen over de stille reserves in uw onderneming en dit kan een fikse aanslag zijn. Vooruitlopend op dit probleem kunt u kijken of het resultaat boven nul kan worden gebracht.

Actie ondernemen

Verhuur. Mogelijk kunt u uw bedrijfspand of andere bedrijfsmiddelen gaan verhuren. Door de huurinkomsten stijgt uw resultaat en misschien wordt er dan wel een plus behaald.

Nevenactiviteiten. Door nevenactiviteiten te starten, kunt u mogelijk ook winst behalen. Er moet wel voldoende samenhang zijn met uw huidige ondernemingsactiviteiten. Let op. Bij bijv. een speelgoedwinkel en een kapperszaak is er onvoldoende samenhang om van één onderneming te spreken.

Behaalt u structureel een verlies, kom dan in actie om fiscale problemen te voorkomen. Bekijk of u winst kunt behalen door bedrijfsmiddelen te verhuren of start een nevenactiviteit. Lukt dit niet, dan ligt een directe afrekening met de fiscus op de loer. bron:indicator

De voorlopige aanslag inkomstenbelasting 2021

Voorlopige aanslagen (VA) 2021

De meeste ondernemers hebben de voorlopige aanslag (VA) inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen 2021 en de VA inkomensafhankelijke bijdrage Zorgverzekeringswet 2021 ontvangen. Door het opleggen hiervan neemt de Belastingdienst een voorschot op de door u te betalen IB/PVV 2021 en Zvw 2021. Waar moet u op letten?

Verandert uw inkomen in 2021? De Belastingdienst stelt de VA 2021 vast op basis van de laatst bekende gegevens, zoals de definitieve aanslag inkomstenbelasting 2019. Heeft u echter de VA 2020 gewijzigd, omdat u bijv. in 2020 meer of minder winst heeft gemaakt, dan gaat de Belastingdienst hiervan uit. Tip. Omdat u bijv. nu al weet dat u in 2021 meer winst gaat maken, wijzig dan uw voorlopige aanslag. Zo voorkomt u dat u bij de definitieve aanslag 2021 terug of bij moet betalen.

Coronacrisis. In 2020 zijn er door het kabinet een aantal fiscale maatregelen getroffen. Zo moet u met een tweetal fiscale maatregelen rekening houden als u uw voorlopige aanslag 2021 controleert.

  1. Betaalpauze hypotheek. U kunt tot 1 april 2021 bij uw hypotheekverstrekker een betaalpauze van maximaal twaalf maanden aanvragen voor uw hypotheek. Maakt u in 2021 gebruik van een betaalpauze, dan is in de meeste gevallen de hypotheekrente die u niet in 2021 betaalt ook niet aftrekbaar in 2021. Of de niet betaalde hypotheekrente wel of niet aftrekbaar is, kunt u navragen bij uw hypotheekverstrekker. Is de niet betaalde hypotheekrente niet aftrekbaar in 2021, wijzig dan de voorlopige aanslag 2021. Zo voorkomt u dat u bij de definitieve aanslag 2021 terug of bij moet betalen.
  2. Urencriterium. Voor de periode van 1 maart 2020 tot en met 30 september 2020 mocht u ervan uitgaan dat u 24 uur per week aan uw onderneming had besteed, ook als u door de coronacrisis gedurende deze periode geen of minder uren aan uw onderneming had besteed. Deze versoepeling geldt voor 2021 niet meer. Kunt u in u in 2021 niet meer voldoen aan het urencriterium van 1.225 uur, dan komt u niet in aanmerking voor bepaalde ondernemersfaciliteiten, zoals de zelfstandigenaftrek, de oudedagsreserve en de meewerkaftrek. Wijzig uw voorlopige aanslag 2021. Zo voorkomt u dat u bij de definitieve aanslag 2021 terug of bij moet betalen.

Te hoog of te laag?

Is de voorlopige aanslag IB/PVV 2021 of Zvw 2021 te hoog of te laag vastgesteld, dan kunt u deze wijzigen. Dit doet u door in te loggen met uw DigiD bij Mijn Belastingdienst. Via Inkomstenbelasting kunt u bij Belastingjaar 2021 een VA inkomstenbelasting aanvragen of wijzigen.

Belastingrente. Een te laag opgelegde VA kan leiden tot 4% belastingrente. Dit kunt u voorkomen door voor het belastingjaar 2021 aangifte te doen voor 1 mei 2022 of om voor 1 mei 2022 een verzoek of wijziging voorlopige aanslag 2021 in te dienen. Indien de Belastingdienst de gegevens conform uw aangifte c.q. verzoek of wijziging overneemt, betaalt u geen belastingrente.

Betalingskorting. Betaalt u een te betalen voorlopige aanslag 2021 in één keer voor de eerste betaaldatum, dan krijgt u een betalingskorting. Let op.  Het percentage van de betalingskorting is vanaf 23 maart 2020 tot en met 31 december 2021 verlaagd van 4 naar 0,01%. Dit percentage is namelijk gekoppeld aan het invorderingspercentage dat vanwege de coronacrisis tijdelijk is verlaagd naar 0,01% tot en met 31 december 2021.

U moet met een tweetal fiscale (corona)maatregelen rekening houden als u uw voorlopige aanslag 2021 controleert: de betaalpauze hypotheek en het urencriterium. bron:indicator

Extra Energie- en Milieu-investeringsaftrek in 2021

Nieuwe investeringslijsten 2021

Investeringen. Onlangs heeft de overheid de Energielijst 2021 en Milieulijst 2021 gepubliceerd. In de Energielijst 2021 zijn energiezuinige bedrijfsmiddelen en duurzame energietechnieken opgenomen. In de Milieulijst 2021 zijn milieuvriendelijke bedrijfsmiddelen opgenomen. Als u een dergelijke investering doet, heeft u recht op extra fiscaal voordeel.

Energie-investeringsaftrek (EIA). Net als in 2020 kunt u ook in 2021 weer gebruikmaken van de Energie-investeringsaftrek (EIA) als u investeert in energiebesparende bedrijfsmiddelen en duurzame energie. Met de EIA kunt u in 2021 45% van de investeringskosten naast de gebruikelijke afschrijvingskosten aftrekken van de fiscale winst.

Voor welke bedrijfsmiddelen? Om voor de EIA in aanmerking te komen moeten de bedrijfsmiddelen voldoen aan energieprestatie-eisen en het doelmatig gebruik van energie bevorderen. Op de Energielijst 2021 staan alle bedrijfsmiddelen die in 2021 in aanmerking komen voor de EIA.

Wat zijn de EIA-voorwaarden?

Om de EIA te kunnen claimen, moet u onder andere aan deze voorwaarden voldoen:

  • u bent belastingplichtig voor de inkomstenbelasting (of vennootschapsbelasting) in Nederland;
  • u investeert in een nieuw bedrijfsmiddel dat voldoet aan de eisen van de Energielijst 2021;
  • het bedrijfsmiddel is niet eerder gebruikt (dit geldt niet voor de Kleinschaligheidsinvesteringsaftrek);
  • de investering dient per melding minimaal € 2.500 te bedragen.

Milieu-investeringsaftrek (MIA).  Als u investeert in een bedrijfsmiddel dat voorkomt op de Milieulijst 2021, dan kunt u aanspraak maken op de Milieu-investeringsaftrek (MIA). Indien u in 2021 een bedrijfsmiddel aanschaft dat in aanmerking komt voor de MIA, dan kunt u 13,5, 27 of 36% (afhankelijk van de soort investering) van het investeringsbedrag ten laste brengen van de winst in 2021. Let op. In een aantal gevallen vindt begrenzing plaats van het bedrag dat voor de MIA- of Vamil-regeling in aanmerking komt. Op de Milieulijst staat dan de hoogte van het investeringsbedrag dat in aanmerking komt voor de MIA- en Vamil-regeling.

Vamil-regeling. Voor een aantal bedrijfsmiddelen kan er ook aanspraak worden gemaakt op de Vamil-regeling. Welke bedrijfsmiddelen dit zijn, vindt u ook terug in de Milieulijst 2021. Deze regeling biedt de mogelijkheid om willekeurig af te schrijven op het duurzame bedrijfsmiddel tot een maximum van 75%. De resterende 25% moet op reguliere wijze worden afgeschreven. Door gebruik te maken van de Vamil-regeling boekt u een liquiditeits- en een rentevoordeel, omdat u over het jaar dat u meer afschrijft minder inkomstenbelasting hoeft te betalen. Tip 1. Als u in één jaar verlies draait en in een volgend jaar winst maakt, kunt u ervoor kiezen om het bedrijfsmiddel voor een groot deel af te schrijven in dat tweede jaar. Hierdoor houdt u in dat jaar minder winst over waarover u belasting moet betalen. Tip 2. Bent u starter en komt u voor de willekeurige afschrijving starters in aanmerking, dan kan het voordeel opleveren om voor hiervoor te kiezen in plaats van voor de Vamil (100% in plaats van 75%).

Wat zijn de voorwaarden voor MIA/Vamil?

Om de MIA/Vamil te kunnen claimen, moet u onder andere aan deze voorwaarden voldoen:

  • u bent belastingplichtig voor de inkomstenbelasting of vennootschapsbelasting in Nederland;
  • u investeert in een nieuw bedrijfsmiddel dat voldoet aan de eisen van de Milieulijst 2021;
  • het bedrijfsmiddel is niet eerder gebruikt (dit geldt niet voor de Kleinschaligheidsinvesteringsaftrek);
  • de investering dient per melding minimaal € 2.500 te bedragen.

Welke faciliteiten kunnen samengaan?

EIA en MIA. Indien een bedrijfsmiddel voor zowel de EIA als MIA in aanmerking komt, dan moet u kiezen voor een van de twee regelingen of de investeringskosten opsplitsen in een MIA- en een EIA-deel. Tip. Opsplitsen kan interessant voor u zijn, omdat het voordeel van de EIA groter is dan het voordeel van de MIA.

Kleinschaligheidsinvesteringsaftrek (KIA). Naast de EIA of MIA/Vamil kunt u ook in aanmerking komen voor de Kleinschaligheidsinvesteringsaftrek (KIA). Let op. Bepaalde bedrijfsmiddelen zijn echter uitgesloten voor de KIA.

ISDE. ISDE is de Investeringssubsidie duurzame energie en energiebesparing. Op de Energielijst 2021 vindt u ook bedrijfsmiddelen die zijn opgenomen in de ISDE-regeling. Maakt u voor een bedrijfsmiddel gebruik van de ISDE-regeling? Let op. Dan komt het bedrijfsmiddel niet meer in aanmerking voor de EIA.

Baangerelateerde investeringskorting (BIK).  De tijdelijke regeling Baangerelateerde investeringskorting (BIK) is een aanvulling op stimuleringsregelingen. Zo kan de EIA, MIA of Vamil dus ook gecombineerd worden met de BIK.

Overige subsidies. Indien u via een andere regeling investeringssubsidie ontvangt voor het bedrijfsmiddel, dan dient u het subsidiebedrag in mindering te brengen op de aanschaf- of voortbrengingskosten. Exploitatiesubsidie hoeft u niet in mindering te brengen.

Hoe vraagt u EIA of MIA/Vamil aan?

Om voor de EIA of MIA/Vamil in aanmerking te komen, geldt dat de aanvraag binnen drie maanden na het aangaan van de investeringsverplichting ingediend moet zijn via het eLoket van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland ( https://mijn.rvo.nl/eloket/login-start.html ). Het aangaan van een investeringsverplichting is bijv. de datum van de opdrachtbevestiging.

Voorkom een veelgemaakte fout. Meld uw investering binnen drie maanden na het aangaan van de investeringsverplichting en niet binnen drie maanden na de offerte-, factuur- of betaaldatum.

Voortbrengingskosten?  Bij voortbrengingskosten worden er op meerdere momenten investeringen gedaan. Hierbij dient iedere investering afzonderlijk te worden gemeld. De aanvraag moet ingediend zijn binnen drie maanden na het einde van het kalenderkwartaal waarin u de voortbrengingskosten maakt (wanneer de betaling is verricht). Worden de voortbrengingskosten in hetzelfde kalenderkwartaal gemaakt als waarin u het bedrijfsmiddel in gebruik neemt, dan geldt dat u de kosten moet melden binnen drie maanden na ingebruikname.

Niet alleen vervaardigingskosten. Voortbrengingskosten betreffen niet alleen de kosten van vervaardiging van een bedrijfsmiddel in eigen bedrijf, maar ook opvolgende investeringen bij verschillende bedrijven die uiteindelijk een bedrijfsmiddel tot stand brengen.

Iedere investering apart melden.  Bij voortbrengingskosten dient iedere investering afzonderlijk te worden gemeld. Gebeurt dit niet, dan is dit niet meer te herstellen!

Melden via het eLoket

Om een melding te kunnen doen bij het eLoket van RVO.nl heeft u eHerkenning (voor het inloggen) nodig. Deze kunt u online aanvragen via https://www.eHerkenning.nl

Let op vanaf 1 juli 2021. Tot 1 juli 2021 kan dit nog met een eHerkenning van minimaal betrouwbaarheidsniveau niveau 1. Vanaf 1 juli 2021 heeft u eHerkenning met minimaal betrouwbaarheidsniveau 2+ nodig.

Download de Energielijst 2021 en de Milieulijst 2021 en kijk of uw investering daarop voorkomt. Is dat zo, meld uw investering dan binnen drie maanden na het aangaan van de verplichting aan bij RVO.nl. De EIA en KIA kunnen samengaan met veel andere subsidieregelingen, zoals de KIA en de BIK. Extra veel voordeel dus. bron:indicator

Tegemoetkoming Vaste Lasten (TVL) 2021

TVL-aanpassingen. Door de enorme omzetverliezen wil het kabinet ondernemers extra tegemoetkomen. Daarom:

  • zijn de subsidiepercentages voor de TVL Q4 2020 en TVL Q1 2021 aangepast. Deze waren 50%, maar stijgen nu mee met het omzetverlies;
  • geldt er voor de TVL Q1 2021 ook een minimaal omzetverlies van 30% in plaats van de eerdere aangekondigde 40%;
  • is er ook voor de TVL Q1 2021 tijdelijk geen beperking van SBI-codes.

Let op. Het maximale subsidiebedrag blijft € 90.000 per kwartaal. Om voor de TVL in aanmerking te komen moeten de minimale vaste lasten per kwartaal € 3.000 bedragen. De subsidiepercentages zijn:

 

Bij een omzetverlies van: Hoort een subsidiepercentage van:
30% 50%
35% 51,43%
40% 52,86%
45% 54,29%
50% 55,72%
55% 57,14%
60% 58,57%
65% 60%
70% 61,43%
75% 62,86%
80% 64,29%
85% 65,71%
90% 67,14%
95% 68,57%
100% 70%

 

Voorbeeld.Over het tijdvak 1 oktober 2020 tot en met 31 december 2020 had u een omzet van € 5.000. In 2019 had u over het tijdvak 1 oktober 2019 tot en met 31 december 2019 € 50.000 omzet. Uw omzetverlies is: € 50.000 -/- € 5.000 = € 45.000. Uitgedrukt in een percentage bedraagt het omzetverlies 90%. Het percentage vaste lasten behorende bij SBI-code 4761 Winkels in boeken bedraagt 15%. De omzet referentieperiode x percentage CBS = € 50.000 x 15% = € 7.500 (dit moet dus minimaal € 3.000 bedragen). De subsidie bedraagt: € 50.000 x 90% x 15% x 67,14% = € 4.532. U ontvangt een voorschot van 80% van € 4.532 = € 3.626.Tip. Indien u de TVL Q4 2020 reeds heeft aangevraagd, worden de juiste subsidiepercentages door RVO.nl aangepast. U hoeft geen nieuwe aanvraag te doen. bron:indicator

Langer de tijd voor terugbetaling te veel ontvangen staatssteun!

Voor bedrijven die ook deze maanden getroffen worden door de crisis of die gesloten zijn om onze gezondheid te beschermen, zal een snelle nabetaling welkom zijn, maar zal een terugbetaling zeer ongelegen komen. Tip. Ondernemers kunnen met het UWV telefonisch een afspraak maken voor een betaalperiode van een jaar. Tip. Minister Koolmees benadrukt dat er ook afspraken over langere termijnen mogelijk zijn. Minister Koolmees: “Ik begrijp dat het voor ondernemers in de eerste fase van de crisis lastig was om het omzetverlies en de loonontwikkeling in te schatten. Veel ondernemers zullen het zekere voor het onzekere hebben genomen. Sommige ondernemers hebben het momenteel zwaar, dus ik heb met het UWV afgesproken dat ze waar dat nodig is coulant omgaan met de betaaltermijnen.”

Minister Koolmees heeft toegezegd dat het UWV coulant moet omgaan met het terugbetalen van te veel ontvangen staatssteun. U kunt met het UWV regelen dat de terugbetaalperiode een jaar of zelfs langer mag duren. bron:indicator 

Aanpassingen coronasteunpakketten bekendgemaakt

NOW en TVL

De NOW blijft in het eerste kwartaal van 2021 gelijk aan het vierde kwartaal van 2020. De TVL krijgt een nieuw subsidiepercentage, dit bedraagt afhankelijk van het omzetdervingspercentage tussen de 50 en 70%. Hierdoor krijgen ondernemingen met de grootste omzetverliezen meer subsidie, zoals cafés die zijn gesloten op last van de overheid. Het kabinet voert deze verruiming in voor het vierde kwartaal van 2020 en het eerste kwartaal van 2021. De verbreding van de SBI-codes voor de TVL blijft ook in het eerste kwartaal van 2021. Dit betekent dat ook bijv. toeleveranciers van restaurants in aanmerking komen voor de TVL.

Evenementensector

De zogenaamde ‘seizoensmodule’ voor de evenementenbranche blijft ook in het eerste kwartaal van 2021 bestaan. Met deze module kunnen evenementenbedrijven waarvan de omzet sterk afhankelijk is van het seizoen, toch aanspraak maken op de TVL. Ook kan de sector in ‘fieldlabs’ gaan experimenteren met het veilig en verantwoord organiseren van een evenement. De evenementenbranche heeft hiertoe een plan ingediend en vanaf half januari kunnen zij aan de slag. Het kabinet overweegt om in het nieuwe jaar ook een fieldlab te starten voor cafés.

Nieuw: Tijdelijke Ondersteuning Noodzakelijke Kosten (TONK)

Omdat niet iedereen geholpen is door deze maatregelen en er mensen tussen wal en schip kunnen belanden, wordt er via de gemeenten extra hulp geboden door tijdelijke ondersteuning van noodzakelijke kosten als deze door inkomensterugval vanwege de coronacrisis niet meer betaald kunnen worden. Het kan gaan om zelfstandigen die veel van hun opdrachten zien verdwijnen of om werknemers die vanwege quarantaine inkomsten mislopen. Het kabinet reserveert hiervoor € 130 miljoen in het eerste halfjaar van 2021 en verwacht 1 februari 2021 klaar te zijn met de uitwerking van de maatregel met gemeenten.

TOZO

De TOZO loopt in de huidige vorm tot 1 april 2021. Verder gaat het kabinet per 1 januari 2021 zelfstandig ondernemers helpen om zich voor te bereiden op een nieuwe toekomst, bijv. via coaching of bijscholing.

Belastingmaatregelen

De periode dat ondernemers uitstel van betaling of een verlenging van het uitstel kunnen aanvragen, wordt verlengd tot 1 april 2021. Ondernemers die nog niet eerder uitstel of verlenging hebben aangevraagd, kunnen dit nu alsnog doen. Voor ondernemers die eerder dit jaar al verlenging hadden gekregen, geldt het uitstel nu automatisch tot 1 april 2021. Ook vijf andere belastingmaatregelen worden verlengd tot deze datum, zoals het btw-nultarief op mondkapjes en het fiscaal mogelijk maken van de betaalpauze voor hypotheekverplichtingen. Daarnaast treft het kabinet twee nieuwe maatregelen. Allereerst geldt er tot 1 april 2021 een btw-tarief van 0% op COVID-19-vaccins en -testkits. Ten tweede stelt het kabinet de opslag voor voorraad- en aanpassingskosten horeca vrij van inkomsten- en vennootschapsbelasting.

Het kabinet heeft een uitgebreid steunpakket bekendgemaakt! Naast de verruimingen en versoepelingen, is de Tijdelijke Ondersteuning Noodzakelijke Kosten (TONK) een nieuwe regeling die via de gemeente wordt uitgevoerd en is bestemd voor ondernemers die door de coronacrisis veel van hun opdrachten zien verdwijnen. De uitwerking hiervan wordt begin februari 2021 verwacht.  bron:indicator 

Houd niet te veel vermogen privé

Box 3. Over uw privévermogen betaalt u belasting in box 3. Daarbij gaat de fiscus uit van een verondersteld rendement, dat in 2021 op kan lopen naar 5,69%. Hierover betaalt u dan 31% belasting. Over het vermogen dat in uw bedrijf zit, betaalt u geen belasting, maar wel over het werkelijke rendement dat u erop behaalt. Dit betekent dat u met name spaargeld beter in uw bedrijf kunt stoppen. Het rendement is immers nauwelijks meer dan nihil, terwijl u er in box 3 wel gewoon belasting over betaalt. Maar hoe realiseert u dit binnen de regels?

Omvang ondernemingsvermogen

Voor ondernemers waarvan de winst belast is in de inkomstenbelasting, is niet exact bepaald hoeveel liquiditeiten u als bedrijfsvermogen aan mag merken. Er is slechts bepaald dat duurzaam overtollige liquiditeiten verplicht naar privé moeten.

Duurzaam overtollig? Wat ‘duurzaam overtollig’ is, hangt af van de omstandigheden en verschilt per ondernemer. Bepalend zijn onder meer hoeveel liquiditeiten u nodig heeft voor uw gewone bedrijfsvoering, voor investeringen en als reserves voor als het tegenzit. In een rechterlijke uitspraak speelde enkele jaren geleden bijv. ook mee dat een ondernemer huisvestingsproblemen verwachtte en dat zijn gezondheid te wensen overliet. Onzekerheid dus, wat betekende dat meer liquiditeiten aangehouden mochten worden dan de inspecteur toestond (ECLI:NL:GHARL:2018:8253) .

Peildatum 1 januari. De omvang van uw vermogen waarover u belasting betaalt, wordt vastgesteld op de peildatum 1 januari. Het is dus raadzaam om ervoor te zorgen dat uw privévermogen op dat moment niet te hoog is. Pas echter wel op, want als u vermogen overbrengt van privé naar de zaak of andersom en binnen drie maanden weer terug, dan volgen er sancties. Brengt u het vermogen binnen zes maanden terug, dan krijgt u nog de gelegenheid te bewijzen dat hiervoor zakelijke redenen waren, anders volgen er ook sancties.

Overige mogelijkheden

Behalve vermogen in uw bedrijf houden, kunt u ook op andere manieren uw vermogen in box 3 verminderen. Tip. Zo is het raadzaam om al geplande grotere uitgaven, zoals een nieuwe keuken, mooie boot of duur sieraad, nog voor 1 januari aan te schaffen. Zo telt het op de peildatum niet meer mee in box 3 en bespaart u dus belasting.

Aflossen hypotheek? Nog een manier om uw privévermogen te verminderen, is het geheel of deels aflossen van uw hypotheek. Het vermogen dat in uw eigen woning zit, telt namelijk niet mee in box 3. Let op. Houd wel rekening met eventueel te betalen boeterente, al bieden de meeste hypotheekvormen de mogelijkheid om jaarlijks een deel op de hoofdsom boetevrij af te lossen.

Schenken. Uw vermogen kunt u verder nog verminderen door een bedrag te schenken aan bijv. uw kinderen. Daarbij kunt u gebruikmaken van de jaarlijkse schenkvrijstelling, die voor 2020 € 5.515 bedraagt. Tip. Ook schenken onder schuldigerkenning is een optie waarmee u uw vermogen vermindert, maar u er nog wel over blijft beschikken. Hiervoor gelden voorwaarden en er is een notariële akte nodig.

Wat scheelt dat nu?

Stel dat uw vermogen meer dan €1 miljoen bedraagt en u op hiervoor genoemde wijze €100.000 aan box 3 kunt onttrekken. Dit scheelt u volgend jaar € 100.000 x 5,69% x 31% = € 1.764 aan belasting. Toch de moeite waard …

Vermogen dat laag rendeert, kunt u, indien mogelijk, beter in uw bedrijf onderbrengen. Verminder de belasting in box 3 ook door dure aankopen nog dit jaar te doen, uw hypotheek (gedeeltelijk) af te lossen of door te schenken. bron:indicator

Wilhelminalaan 1, 1441 EK Purmerend
Tel: 0299-767002 / E-mail: info@partnersinadministraties.nl